Misinformatie over voeding: waarom onzin het wint van nuance
Waarom onzin over voeding het wint van nuance, en hoe je als coach misinformatie herkent en je cliënt leert het verschil te zien.
Wouter Middelbos
Waarom onzin over voeding het wint van nuance, en hoe je als coach misinformatie herkent en je cliënt leert het verschil te zien.
Wouter Middelbos
"Mannen, je testosteron keldert al vijftig jaar. Gelukkig hebben wij daar een supplement voor." Dit soort koppen werkt, omdat er net genoeg waarheid in zit om geloofwaardig te klinken en net genoeg angst om te blijven hangen. En de oplossing ligt toevallig al klaar, met kortingscode. Zo werkt misinformatie over voeding meestal: niet als pure leugen, maar als een uit zijn verband getrokken feitje met een verdienmodel erachter.
Social media draait op engagement. Een stellige, controversiële claim krijgt meer reacties dan een verhaal dat klopt maar rommelig is, en het algoritme beloont de reactie, niet de waarheid. Wie roept dat suiker gif is wordt gedeeld. Wie uitlegt dat de hoeveelheid en de context het effect bepalen, wordt weggescrold.
Het recept is bijna altijd hetzelfde: pak een kern van waarheid, rek die op tot een simpel en beangstigend verhaal, en zet er een product achter. Dat verhaal is makkelijk te onthouden en makkelijk door te vertellen. De genuanceerde werkelijkheid is dat niet. Daarom wint onzin het op bereik vrijwel altijd van nuance, ook al verliest hij het op inhoud.
In de opleiding noemen we het informatielandschap rond voeding een moeras van misinformatie, en dat moeras heeft drie bronnen.
De eerste is de overvloed aan informatie die verspreid wordt door bevooroordeelde of ongekwalificeerde mensen met een groot mediabereik. Bereik en expertise zijn twee verschillende dingen, maar op je tijdlijn zien ze er precies hetzelfde uit.
De tweede is dat iedereen eet. En omdat iedereen eet, voelt bijna iedereen zich een beetje expert, zeker als de eigen eetgewoonten goed uitpakken. Zo ontstaan ongefundeerde overtuigingen en adviezen: "bij mij werkte het" wordt gepresenteerd als bewijs, terwijl het een ervaring van één persoon is.
De derde is dat de mensen die wél goede adviezen kunnen geven vaak te druk zijn met het begeleiden van cliënten, niet zo goed zijn in marketing, of niet bereid zijn de waarheid om te buigen naar iets wat makkelijk verkoopt. De beste informatie heeft dus de slechtste distributie.
En dat moeras komt binnen. Wat de omgeving van je cliënt eet en normaal vindt, stuurt wat je cliënt zelf eet, vaak zonder dat die het doorheeft.1 Rolmodellen op social media kunnen gezond gedrag aantrekkelijk maken, maar net zo goed crashdiëten en extreme idealen tot norm verheffen.2
Denk niet dat het beter wordt zodra iemand een miljoenenpubliek heeft. De BBC bekeek 23 gezondheidsafleveringen van Diary of a CEO, een van de grootste podcasts ter wereld. In vijftien daarvan zaten potentieel schadelijke gezondheidsclaims, gemiddeld veertien per aflevering, die ingingen tegen breed wetenschappelijk bewijs. Denk aan een keto-dieet dat werd gepresenteerd als kankerbehandeling.3
In de boekhandel is het niet veel anders. Onderzoek naar de bestverkochte voedingsboeken laat zien dat veel auteurs geen opleiding in voeding of geneeskunde hebben, en dat de adviezen in die boeken elkaar geregeld ronduit tegenspreken.4 Een bekende naam en een grote oplage zijn geen bewijs.
Jij bent het tegenwicht, maar niet door mee te schreeuwen met de volgende hype. Educatie is hier je sterkste gereedschap: een gewaarschuwd mens telt voor twee. Leer je cliënt deze vijf vragen te stellen bij elke claim die voorbijkomt.
En andersom: wat wél klopt, weeg je zoals de opleiding het leert, langs het beste bewijs, je eigen praktijkervaring en de cliënt die voor je zit.
Schiet daarbij niet door naar de andere kant. Elke hype belachelijk maken of alles rigoureus verbieden werkt averechts, net zoals streng verbieden binnen een voedingsplan averechts werkt. Je cliënt moet het verschil zelf leren zien, anders ben jij gewoon de volgende stem die om vertrouwen vraagt. Dat lukt beter als je coacht op autonome motivatie in plaats van op regels.
Concreet, voor morgen: vraag je cliënt naar de laatste voedingsclaim die die op social media voorbij zag komen, en loop er samen de vijf vragen langs. Tien minuten werk, en je cliënt heeft een filter dat blijft werken als jij er niet bij bent.
Dweilen met de kraan open? Zeker, de onzin blijft komen. Maar je cliënt heeft precies dit nodig: iemand die niet verkoopt maar uitlegt. Dat is het hele verschil tussen verkopen en coachen.
Misinformatie over voeding wint het op bereik van nuance, omdat algoritmes reacties belonen en een simpel eng verhaal met een product erachter beter verkoopt dan de rommelige werkelijkheid. Zelfs grote podcasts en bestsellers zitten er geregeld naast. Jouw taak als coach is niet meeschreeuwen, maar je cliënt de vragen leren stellen waarmee die zelf onzin herkent: wie zegt het, wie verdient eraan, en wat is het bewijs.
Voedingsadvies op basis van wetenschap, zonder dogma's.
Slaapkwaliteit beoordelen doe je niet op uren alleen. Waarom regelmaat zwaarder weegt, en wat je in de intake vraagt.
Koolhydraten niet essentieel zijn om te overleven, maar spelen wel een belangrijke rol spelen bij spiergroei, kracht, duurtraining en vetverlies.
Dit is de Milo Voedingscoach opleiding: zes modules, de rollen professor, coach en motivator, en waarom coachen op gedragsverandering het verschil maakt.